Zorg voor ons erfgoed. Tuinhier archief nu bij KADOC te Leuven

Dit jaar bestaat Tuinhier in Roeselare 110 jaar. Dit wordt volgend jaar gevierd en daarmee zijn wij de 2de langst bestaande sociaal-culturele vereniging in Roeselare. Je zult best begrijpen dat onze voorgangers en wijzelf heel wat archief geërfd, opgebouwd, verzameld en gespaard hebben. Die vele documenten vertellen ons uit eerste hand wat en hoe onze leden en het bestuur gewerkt hebben, waarom en voor wie zij dit deden sinds 1909 ! Dit zijn documenten waarmee wij schroomvol en eerbiedig omgaan.

Waarom archiveren?

Vooreerst uit respect voor de mensen die voorafgingen omdat zij vrijwillig en gratis dienstbaar waren voor een behoefte, een nood en een vrijetijdsbesteding die belangrijk was en al die jaren belangrijk bleef. Vervolgens omwille van het erfgoed dat zij achterlieten voor ons en zij die achter ons komen. Onze erevoorzitter Henri Dequeker (25 jaar voorzitter geweest) die het archief heeft meegekregen van zijn voorgangers en die begin september dit jaar 90 jaar werd heeft alles mooi gerangschikt en geïnventariseerd. Henri bezorgde mij die rijke geschiedenis met een zekere doch begrijpelijke weemoed.

Daarom bewaren wij die kostbare documenten niet op de zolder maar brachten die twee dozen documenten op 28 augustus 2019 naar het KADOC te Leuven. KADOC staat voor het katholiek documentatie centrum van de K.U.L., de Katholieke Universiteit van Leuven. Die schreven trouwens in 2006 een boek over de geschiedenis van de Vlaamse Volkstuinen waaraan onze afdeling meewerkte. Onze documenten blijven in Leuven goed bewaard en zijn er steeds raadpleegbaar.

Wat hebben wij aan het KADOC bezorgd?

Het allereerste verslagboek vanaf de stichting met alle handgeschreven commentaren van de bestuursvergaderingen, alle namen van de bestuursleden, de correspondentie met het Ministerie en financiële verslagen. Uiteraard ook de verslagboeken omtrent alle belangrijke gebeurtenissen en realisaties gedurende meer dan een eeuw. Bedenk dat “Tuinhier” aan de basis lag van de Roeselaarse Veiling en van VABI, hét opleidingscentrum voor land en tuinbouw –van zondagslessen tot volwaardig onderwijs met diploma- en dat toen Burgemeester Mahieu Jan de Erevoorzitter was.

Heel wat boeiende documenten, foto’s en artikels omtrent ons eerste lokaal ”Au Grand Café” in de Noordstraat (1913) waar buiten in de Noordstraat rechtover het lokaal een 14-daagse verkoopstand was, het 25- jarig bestaan (1937), hoe de titel van” Koninklijke vereniging” tot stand kwam met ontvangst bij de Gouverneur (1957) de documenten van secretaris Decancq (1958-1999) Daarna van secretaris Walter Stock tot 2017, de fardes van voorzitter André Vanhooren (1977- tot 1989) en die van mijn voorganger Henri Dequeker tot 2014, een cursus ecologisch tuinieren van bestuurder Jan Heyman (oprichter VELT in de jaren ’60 vorige eeuw) hier in Roeselare. Het initiatief uit 1954 waarbij “ De Volkstuin” (wij dus) een bebloemingswedstrijd organiseerde wat het jaar daarna werd overgenomen door de Stad en zoveel meer. Méér dan de moeite om tot in lengte van dagen te bewaren.

Wat hebben wij hier nog bij mij thuis bewaard?

De herinneringsschaal van de Stad bij het 100 jaar bestaan (1999) en de mooie vlag “Prov. Verbond Volkstuinen West-Vlaanderen”. Ook de eigen uitgegeven Roeselaarse ledentijdbladen “Natuur – en Tuinnieuws” van bij het begin in 1973 tot heden. Die zijn héél informatief mede dank zij de grote inbreng van Henri en Walter. Die vertellen ons alles wat al die jaren het aanbod was van onze mooie vereniging. Ik kom daar een volgende keer op terug.

Wordt vervolgd…

Marc Deseyn voorzitter

Bron foto : Repro KADOC-KU Leuven

Focus op een Westers fenomeen: van oude volkstuintjes tot hedendaagse volkstuinparken.

Eind 19e - begin 20e eeuw, gerelateerd aan de industriële revolutie, ontstonden in de stedelijke- en industriegebieden in diverse Europese landen het fenomeen ‘volkstuintjes’. Tot op heden is dit verschijnsel zo gebleven, zij het met een steeds veranderend patroon, inspelend op de noden van de tijd. Ook in Vlaanderen ontstonden onder de vlag  ‘ Het Werk van den Akker en den Haard ’ lokale en privaat gestuurde initiatieven tot het oprichten van volkstuintjes. De toenmalige tijdsgeest werd gedomineerd door armoede, fabrieksarbeid, ondervoeding en zedelijk verval. Er was nood aan goedkope voeding, gezonde buitenlucht en meer economische onafhankelijkheid. Zowel katholicisme als  socialisme steunden plaatselijke volkstuintjes die materiële en morele voordelen boden voor het ganse gezin. Productie om te voorzien in eigen behoeften was een sterke drijfveer. Deze vorm van volkstuintjes bleef bestaan tot na de 1e W.O en het interbellum.    Door de stijgende welstand na de 2e W.O. nam de aandacht en de vraag naar volkstuintjes gevoelig af. De arbeidsomstandigheden werden beter, de lonen hoger, de koopkracht steeg. Het fenomeen ‘volkstuin’ sluimerde. Echter, naar het einde van de 20e eeuw en tot op vandaag zien we opnieuw een heropleving van de vraag naar perceeltjes om eigen groenten te kweken. Waar ooit noodzaak en honger de gangmakers waren, liggen anno 2020 de behoeften van de volkstuingebruikers enigszins anders. Biologisch en ecologisch telen zit in de lift. De vraag naar smakelijke en verse groenten stijgt, “wat je zelf kweekt, smaakt beter” klinkt het. Contact met bodem en natuur worden herontdekt. Daarnaast groeit in onze haastige samenleving de nood aan lichamelijke ontspanning na een drukke dagtaak, anti-stress en gezonde ontspanning in open lucht. Tenslotte ontdekken meer en meer (jonge) mensen opnieuw de vreugde en het nut van sociale contacten en een vleugje vriendschap. Maar ook de verstedelijking en de hoge grondprijzen maken dat veel jonge mensen niet meer in staat zijn een eigen moestuin te verwerven. Urban gardening en vierkantemeter-moestuintjes zijn daar de bewijzen van. Vooral door de groeiende groep appartementsbewoners is een perceeltje grond onder een stralende zon en midden frisse lucht, erg geliefd. Heel dit proces groeit momenteel verder. Dank zij de steun van lokale besturen en Vlaamse overheid, en onder initiatief, personeel , organisatie en onderhoud door de vzw Tuinhier worden terug meer en meer volkstuinparken op de kaart gezet! Tekst geschreven door Pol Vandenbulcke

Voorzitter Henri Dequeker geeft het Voorzitterschap van Tuinhier Roeselare door aan Marc Deseyn.

Het eindejaarsamenzijn, de fameuze koffietafel 2014 zullen wij niet licht vergeten.

Eerst was er het goed gesmaakte optreden van Wim en Trui Chielens uit Reningelst. Vader en dochter brachten pakkende verhalen over de mensen uit de Westhoek die de oorlogsellende meemaakten, zo dicht bij het front.

Deze verhalen werden ingekleurd met poëzie en mooie liederen. Het was een pakkend optreden. Daarna volgde een exclusieve proeverij van ‘de Ieperse Kattenklauw’. Dit is een lekkernij van bakker Dequeker (zoon van) aan de Rijselstraat te Ieper. De koffie en het gezelschap verhoogden de gezelligheid en de goede sfeer.

Tijdens de jaarlijkse koffietafel werd Henri Dequeker gehuldigd voor zijn 25 jaren voorzitterschap. Hij volgde in 1989 André Vanhooren, leraar tuinbouwschool op als voorzitter van de Koninklijke Vereniging van Natuur-en Tuinliefhebbers.

In 2014 werd de nieuwe naam “Tuinhier”. Gedurende 25 jaren was Henri de trekker. Samen met een hard werkend bestuur konden de leden rekenen op een permanente werking van voordrachten, reizen, bedrijfsbezoeken, cultuur, enz.. Het bestuur was en is een hechte vriendengroep waarbij in een familiale sfeer alle taken verdeeld worden.

De heer Bart Naeyaert, Bestendig afgevaardigde van de Provincie West-Vlaanderen en Landelijk voorzitter van ‘Tuinhier’ kwam Henri danken voor zijn mateloze inzet voor Tuinhier. Net zoals Henri komt Bart ook uit een landbouwersgezin. Bart prees het vele werk als vrijwilliger, de natuurgevoeligheid en het belang dat Henri hecht aan het gezondheidsaspect van tuinieren.

Onze uittredende voorzitter Henri ontving dan ook het welverdiende Gulden Ereteken van de Provincie West-Vlaanderen. Ook de heer Schepen van Cultuur, Ruimtelijke planning, Economie en Werk Kris Declercq van Roeselare was graag aanwezig om onze voorzitter Henri te huldigen namens de Stad. Hij loofde de zeer uiteenlopende inzet, naast zijn inzet voor de tuinvereniging, voor de Stad en de wijkwerking.

Zo was Henri o.a. pionier bij de inrichting van de Rodenbachstoeten, de uitbouw van de wijkschool en het wijkhuis ‘tSchuurtje. Verleden jaar reeds ontving Henri het Ereteken van Cultuurverdienste op het Stadhuis. Vandaag overhandigde de Schepen het Stadsdiploma namens de Stadsgemeenschap uit erkentelijkheid. Namens het Bestuur werd de Johanna, Henri’s echtgenote, in de bloemetjes gezet want :”…achter iedere grote man staat een sterke vrouw” Al die jaren werkte Johanna ook mee in het Bestuur van Tuinhier. Vermits Henri sterk geboeid is door de geschiedenis kreeg hij als geschenk enkele recente werken omtrent de oorlog om en rond de streek van Ieper.

In zijn afscheidswoordje prees Henri al zijn medebestuursleden en wenste zijn opvolger dezelfde goede geest en samenwerking. Tenslotte dankte de nieuwe voorzitter Marc Deseyn allen die deze mooie namiddag ingericht hadden en wenste Erevoorzitter Henri nog vele leuke jaren in het Bestuur van Tuinhier.